Gebit

42 tanden en kiezen

Ook het gebit bij een hond of kat verdient aandacht. Ons advies is om 1 à 2 keer per jaar te komen voor gebitscontrole. Zo kunnen we samen een plan opstellen dat het best bij u en uw huisdier past. Maar het allerbelangrijkste is hetgeen u thuis kunt doen: namelijk poetsen. Eenmaal daags tanden poetsen is voldoende.

 Tanden poetsen

 

Wisselen

Problemen met het wisselen van de tanden komen veelvuldig voor, maar worden helaas ook vaak over het hoofd gezien. Vanaf een leeftijd van 3 maanden begint het proces van wisselen. Deze periode is heel belangrijk voor de vorming van een goed volwassen gebit. Rond de leeftijd van 6 maanden is de hond klaar met wisselen en verandert de stand van de tanden niet meer. Het is goed om in die periode, tussen de 3 en de 6 maanden, het gebit van uw hond of kat goed te controleren of laat ’t controleren door een van onze gebitsassistentes, Anke, Dana of Irma.

Soms is het goed om een beugel te plaatsen voor enkele weken om de tanden naar hun juiste plek te sturen. Dit is niet alleen een cosmetische ingreep, maar vooral voor een betere kwaliteit van het gebit. Als tanden goed op elkaar zijn afgestemd, functioneerd een gebit beter en blijft een gebit langer goed. Als een hond een beugel heeft, mag hij tijdelijk niet spelen of knagen op stokken en speeltjes.

Nadat het gebit gewisseld is, is het belangrijk om het gebit ook goed en gezond te houden. Hierbij is poetsen het belangrijkst, net als bij onszelf. Een keer per dag poetsen is voldoende.

Afgebroken tand

Een afgebroken tand is een veelvoorkomend probleem. Ook indien een hond of kat nog niet gewisseld heeft en het dus een afgebroken melktand betreft, is het belangrijk om actie te ondernemen. Afhankelijk van de leeftijd van het dier ten tijde van de tandbreuk, zullen we de tand eventueel moeten verwijderen om ontsteking en daardoor beschadiging van de blijvende tand te voorkomen. Heeft een hond al de volwassen tand en breekt deze, dan zijn er verschillende mogelijkheden. We kunnen de tand behouden door een wortelkanaalbehandeling erop uit te voeren of we kunnen kiezen voor een tandextractie: het verwijderen van de tand. Welke keus we hierin maken is afhankelijk van het ras, de leeftijd en de functie van de hond.

Verkleuringen

Verkleuringen aan tanden komen ook regelmatig voor. Hierbij is het van belang hoe oud de hond is en wat de functie van de hond is. Een verkleuring vraagt niet altijd om een behandeling, maar dit vraagt wel om alertheid. Het is goed om te controleren hoe de toestand van de tand en de omgevende weefsels is. Meestal is hiervoor een röntgenfoto nodig, welke onder verdoving gemaakt kan worden.

Glazuurbeschadiging

Glazuurbeschadigingen kunnen ontstaan als ontwikkelingsfout, maar kunnen ook later ontstaan door beschadiging van de tand. Ontwikkelingsproblemen van tanden kunnen al tijdens de aanleg hiervan in de baarmoeder ontstaan en zijn vaak direct zichtbaar bij het doorbreken van de tanden. Een beschadiging van een tand kan ook ontstaan door spelen met stenen of door bijten in de bench. Niet alle beschadigingen hebben behandeling nodig, maar controle is altijd goed.

Tandresorptie

Vooral bij katten is dit een groot probleem. We spreken van tandresorptie als tanden of delen van tanden geresorbeerd worden. Het glazuur en/of dentine lost als het ware op. Dit kan boven het tandvlees voorkomen, maar ook onder het tandvlees. In dit laatste geval is dit in eerste instantie niet direct zichtbaar, maar de oplettende eigenaar zal wel ontsteking zien rond die tand. Meestal is de beste oplossing om die tand of tanden die aangetast zijn te verwijderen. Aangezien elke kat en ook elke tandresorptie anders is, wordt altijd per patiënt bekeken wat het beste is voor uw huisdier.